• (A) VOOR WELKE BEDRAGEN ZIJN SCHADECLAIMS INGEDIEND BIJ DE TEGENPARTIJ?

Er zijn verschillende vorderingen en claims ingediend bij de tegenpartij ten belope van tientallen miljoenen euro’s. De belangen zijn derhalve erg groot. Een van de vorderingen is gebaseerd op het feit dat de tegenpartij nimmer een koopsom heeft betaald voor gedwongen overgedragen aandelen. Het gaat in totaal om 3,5 mio aandelen. Kort na deze overdracht heeft HKB Bank zelf nieuwe aandelen uitgegeven waarop is ingetekend tegen een koers van EUR 15,85. Op basis van deze waarde zou de vordering circa EUR 55 mio zijn. Er bestonden tevens aandeelhoudersovereenkomsten waarin was afgesproken dat aandelen tegen een koers van EUR 13,86 verkocht zouden worden. Frank Maertens, die zelf een gedaagde is en deel uitmaakt van de tegenpartij heeft de aandelen kort na de overdracht gewaardeerd op circa EUR 20,61 per aandeel. Een andere vordering gaat over het verlies van waarde van de onderneming en het daarin geïnvesteerde geld. De tegenpartij had voor EUR 38 mio aan kapitaalgaranties gegeven die als benzine diende voor de motor van het businessplan. Dat kapitaal is niet gestort waardoor het businessplan niet verder kon worden uitgevoerd en stagneerde. De opgelopen schade voor alle betrokkenen beloopt in de tientallen miljoenen euro’s.

  • (B) HEEFT DE TEGENPARTIJ AANGIFTE GEDAAN TEGEN CAGE CAPITAL EN HAAR BESTUURDER ARJAN VAN DER KOOIJ ?

De tegenpartij in de rechtszaken heeft aangifte gedaan. In deze aangifte wordt betoogd dat toezichthouders, treuhaender en HKB Bank niet op de hoogte waren van de emissies. Beweerd wordt dat er opzettelijk relevante informatie niet in prospectussen werd vermeld zoals het bestaan van een treuhaender. Dat HKB Bank nimmer een treasury portefeuille wilde opbouwen en dat Cage Capital niet bestaande aandelen verkocht.

In reactie op de aangifte is een memorandum opgesteld op basis van bewijsstukken. De Clerck notarissen uit Leiden is gevraagd middels een formeel Notarieel Proces Verbaal vast te stellen of de informatie in deze bewijsstukken juist is. De notaris heeft daarin onder andere tekst passages uit  notulen van aandeelhoudersvergaderingen, audit rapporten van KPMG, correspondentie met toezichthouders, legal opinions van adviseurs en  diverse E-mails gecontroleerd.  Op deze wijze is gefundeerd met bewijs in een vastgesteld notarieel proces verbaal de inhoud van de aangifte puntsgewijs weerlegd.  In deze Q&A worden een aantal separate punten die ook voorkomen in de aangifte vermeld. Het memorandum en het notarieel proces verbaal kunt u hier downloaden.

  • (C) HEBBEN DE AFM EN HET OPENBAAR MINISTERIE ONDERZOEK GEDAAN?

De AFM heeft medio 2014 een onderzoek ingesteld naar Cage Capital. In dat kader is de gehele administratie inclusief bankafschriften, overeenkomsten en prospectussen onderzocht. Tevens is alle correspondentie met stakeholders nagegaan en zijn alle werknemers van Cage Capital geïnterviewd. In 2016 heeft de AFM geconcludeerd dat er geen last onder dwangsom wordt opgelegd omdat de obligatiehouders de essentiële informatie hadden ontvangen.  Het Openbaar Ministerie (OM) heeft tevens een onderzoek ingesteld. In 2018 is schriftelijk medegedeeld door het OM aan Cage Capital en Arjan van der Kooij dat het onderzoek is stopgezet en nietis gebleken dat er sprake is van verduistering. Cage Capital en Arjan van der Kooij zijn niet als verdachte  aangemerkt.

  • (D) TOT WANNEER IS CAGE CAPITAL 1 GMBH BETROKKEN GEWEEST BIJ EMISSIES? WAS HIERVOOR TOESTEMMING NODIG VAN TREUHAENDER OF TOEZICHTHOUDER?

Cage Capital 1 GmbH is via haar balans tot medio 2013 betrokken geweest bij emissies. Na de aanstelling van een treuhaender is Cage Capital 1 GmbH geen uitgevende instelling meer geweest van emissies. Wel is Cage Capital als agent tot mei 2014 betrokken geweest bij een emissie van Treasury Invest I B.V. Deze uitgevende instelling was bekend bij de Treuhaender en de toezichthouder. Dit blijkt ook uit het proces verbaal van de notaris (zie Q&A (B))

  • (E) WELKE BELASTENDE RAPPORTEN HEEFT DE TEGENPARTIJ INGEDIEND? IS ER EUR 25 MIO ZOEK?

Frank Maertens (Zeta Corporate Finance) is een van de gedaagden  in de rechtszaken en maakt deel uit van de tegenpartij. Hij heeft zelf een rapport opgesteld. Hij stelt daarin dat Cage Capital 1 GmbH ca EUR 35 mio aan obligaties heeft aangetrokken en de plicht had om dat in zijn totaliteit in HKB Bank GmbH te investeren.  Daarvan zou daadwerkelijk maar ca EUR 12 mio in HKB Bank geïnvesteerd zijn. Daarbij beroept hij zich op een bevestiging van de bank dat er door Cage Capital inderdaad maar EUR 12 mio is bijgestort na de aanvankelijke investeringen in 2010. Het restant zou dus “zoek” zijn. Alles duidt er volgens hem op dat er sprake is van Fraude. Maertens stelt verder dat Arjan van der Kooij een aanzienlijke rekening courant heeft opgenomen en er dus sprake moet zijn van persoonlijke verrijking.  Maertens beschikt niet over de administratie van de vennootschap maar heeft daarvan wel “delen” van een oude server gehaald en baseert zich op een ten dele bijgewerkt CRM systeem. Deze informatie is vervolgens verstrekt aan het kantoor Hermes Advisory dat een concept rapport heeft opgesteld dat nimmer is afgemaakt. Feit is dat Maertens niet beschikt over de administratie noch over alle onderliggende documentatie.  

Uit het onderzoeksrapport 4400N uit december 2019 blijkt dat Maertens onjuiste en onvolledige aannames stelt in zijn rapportage.

Het klopt dat Cage Capital na de opstartfase een bedrag van ca EUR 12 mio heeft bijgestort in de vennootschap met de banklicentie (HKB Bank GmbH). Wat Maertens echter (bewust) verzwijgt is dat HKB Groep niet alleen bestond uit HKB Bank GmbH maar uit verschillende vennootschappen die essentieel waren voor het HKB businessplan. Ieder van deze vennootschappen had zijn eigen kosten structuur. Cage Capital stortte kapitaal in deze vennootschappen en droeg bij aan de kosten. Het is een onjuiste voorstelling van zaken door de kapitaalbehoefte en kostenstructuur van de gehele groep weg te laten in het investeringsoverzicht van Maertens. Het schept een onvolledig beeld door alleen het bijgestorte bedrag te vermelden in de vennootschap met de banklicentie. En vervolgens bijvoorbeeld het hypotheekbedrijf te “vergeten”, of de vennootschap waar al het personeel in Nederland voor werkte.  

Er is daarnaast sprake van Fraude als aangetrokken geld voor iets anders is gebruikt dan is afgesproken.  Daarvoor is het noodzakelijk de onderliggende afspraken en overeenkomsten te kennen. Als je niet weer waarvoor en tegen welke voorwaarden geld is aangetrokken kun je niet stellen dat het voor iets anders is gebruikt dan is afgesproken. Maertens heeft nooit onderzoek gedaan naar de afspraken of de onderliggende overeenkomsten. Hermes Advisory ook niet. Maertens scheert alles over 1 kam. Volgens hem stamt de gehele schuldenlast uit obligaties uit emissies met de plicht dat in de vennootschap met de banklicentie te investeren. Zonder een enkele onderliggende overeenkomst te controleren trekt hij deze conclusie.

Het is een onjuiste stelling dat Cage Capital EUR 35 mio schuld uit emissies heeft. Dat bedrag is EUR 10,5 mio. Het restant van de schuldposities komt uit liquide gemaakt eigen belang van Cage Capital om de kosten voor de gehele groep te kunnen blijven voldoen. Lees meer onder Financieel.

  • (F) WELKE CONCLUSIE TREKT HET ONDERZOEKSRAPPORT 4400N VAN DECEMBER 2019 OVER “PONZI” FRAUDE EN PERSOONLIJKE VERRIJKING VAN ARJAN VAN DER KOOIJ

Dit rapport kon niet worden meegenomen in de schriftelijke behandelingen van de rechtszaken omdat het niet op tijd af was. Een Duitse Registeraccountant heeft de jaarrekeningen over de jaren 2010 tot en met 2016 samengesteld en  in augustus 2019 afgetekend. Een Nederlandse Registeraccountant heeft daarna een rapport van feitelijke bevindingen volgens de Nederlandse Standaard 4400N opgesteld en afgetekend in december 2019. Daarin zijn de onderliggende overeenkomsten van alle aangetrokken gelden gecontroleerd. Daaronder begrepen alle prospectussen, lening overeenkomsten, verkoop overeenkomsten e.a. Vervolgens is nagegaan of de gelden zijn gebruikt conform hetgeen is afgesproken. Als geld zou zijn gebruikt voor andere zaken dan is afgesproken zou er mogelijk sprake kunnen zijn van fraude.

De Registeraccountant stelt in het rapport vast dat de aangetrokken gelden over de jaren 2010 tot en met 2016 zijn aangewend conform de bepalingen uit de onderliggende overeenkomsten. Er is geen plicht geweest om alle gelden louter te investeren in de vennootschap met de banklicentie (HKB Bank GmbH). Een aanzienlijk gedeelte van de gelden was geheel vrij besteedbaar en is uiteindelijk aangewend om de kosten van de gehele groep te voldoen. Er is derhalve geen sprake van Fraude noch is er “geld weg”.

De Registeraccountant stelt voorts vast welke overige kosten en investeringen gedaan zijn in HKB Groep.

De Registeraccountant stelt voorts vast dat er wel een aanzienlijke rekening courant met Arjan van der Kooij aanwezig is. Echter,  geconsolideerd met de betrokken vennootschappen bestond deze schuld al op het moment dat de groep werd opgericht nog voordat er schulden bij derden zijn aangegaan. Per saldo is er zelfs sprake van een afname van de schuld over de jaren 2010 tot en met 2016. Er is dus geen sprake is geweest van persoonlijke verrijking omdat de schuld per saldo is afgenomen.

Lees meer onder Financieel.

  • (G) ZOUDEN DE UITKOMSTEN VAN DE RECHTSZAKEN ANDERS ZIJN GEWEEST ALS HET ONDERZOEKSRAPPORT 4400N UIT DECEMBER 2019 TIJDIG WAS INGEBRACHT?

De tegenpartij heeft handig ingespeeld op het feit dat de administratie van Cage Capital1 GmbH niet op orde was. Stichting HKB Claim heeft begin 2019 geld beschikbaar gesteld om daar verandering in te brengen en onderzoek in te stellen. Dit geschiedde nadat Maertens een belastend rapport had opgesteld. In de diverse vonnissen is aangehaald dat onvoldoende is aangetoond waar Cage Capital de gelden voor heeft aangewend. Nu de jaarrekeningen zijn opgemaakt en het onderzoeksrapport is afgerond is deze onduidelijkheid weggenomen. Als dit in de schriftelijke ronde had kunnen worden toegelicht hadden de vonnissen mogelijk op een aantal punten anders geluid.

  • (H) MOEST CAGE CAPITAL KAPITAAL STORTEN IN HKB EN HOE ZIT DAT MET DE GARANTIES?

Tot medio 2013 is Cage Capital betrokken geweest bij emissies. Daarna is dit gestopt. Volgens de verschillende prospectussen dienden eerst kosten te worden betaald en schulden te worden afgelost voordat er kapitaal gestort kon worden. Van medio 2013 tot mei 2014 is Cage Capital betrokken geweest als agent van de emissie door Treasury Investment I B.V. De opbrengst van deze emissie diende geïnvesteerd te worden in kapitaalinstrumenten van HKB. De Registeraccountant heeft in het 4400N Rapport uit december 2019 gecontroleerd dat de afspraken over de aanwending van het geld in de verschillende prospectussen zijn nagekomen.

De emissies van Cage Capital zelf zijn derhalve tot een einde gekomen medio 2013. Het totaal bedrag daarvan was afgerond EUR 10,5 mio.

Cage Capital had na medio 2013 geen plicht jegens HKB Bank GmbH om kapitaal bij te storten. Daartoe bestond geen enkele verplichting of overeenkomst meer. Zie ook het proces verbaal van de notaris (te downloaden onder (B)) Observatie 47. Begin 2014 heeft HKB Bank GmbH aan Cage Capital bevestigd dat alle verplichtingen tot het storten van kapitaal uit het verleden zijn nagekomen. Uiteraard had HKB Bank GmbH kapitaal nodig als benzine voor het businessmodel. De andere vennootschappen in de groep waren hier van afhankelijk. Deze kapitaal garanties zijn begin 2014 door de tegenpartij aan HKB Bank GmbH verstrekt. Deze extra garanties van EUR 38 mio dienden hard en onvoorwaardelijk te zijn omdat anders de toezichthouder het niet zou accepteren. Mede om de kosten van de gehele HKB groep te kunnen blijven heeft Cage Capital delen van haar eigen belang in de groep liquide gemaakt. De juridische plicht om kapitaal te storten in de vennootschap met de banklicentie (HKB Bank GmbH) lag hard en onvoorwaardelijk bij de tegenpartij.

  • (I)WAREN DE TOEZICHTHOUDER, TREUHAENDER EN HKB BANK OP DE HOOGTE VAN DE EMISSIES?

Uit het proces verbaal van de notaris (zie Q&A (b)) blijkt dat Cage Capital na het aanstellen van een Treuhaender niet meer als uitgevende instelling gefungeerd heeft. Tevens blijkt dat HKB Bank van meet af aan op de hoogte is geweest en de advocaat van HKB Bank aan de totstandkoming van het prospectus heeft meegewerkt. De toezichthouder heeft verschillende vragen gesteld over de emissies die allen in schriftelijke rondes beantwoord zijn. KPMG als auditor van HKB Bank heeft tevens de prospectussen ontvangen en Cage Capital daarover geïnterviewd. Zie ook de observaties in het proces verbaal van de notaris te downloaden onder punt (B) o.a. Observatie 2 en volgenden.

  • (J) WAS HKB BANK VOORNEMENS EEN (RMBS) TREASURY PORTEFEUILLE OP TE BOUWEN?

Uit het proces verbaal van de notaris (zie Q&A (B)) blijkt dat bij de totstandkoming van het laatste prospectus, de HKB Bank een planning aan de toezichthouder heeft gezonden met daarin opgenomen de opbouw van een aanzienlijke Treasury Portefeuille waaronder RMBS. Bij het sluiten van de laatste emissie staat in het management rapport van HKB Bank het product proces voor de aankoop van RMBS nog altijd  verwoord als onderdeel van de Treasury Portefeuille. Tevens bevestigd het management van HKB Bank na sluiting van de laatste emissie de planning voor de opbouw van een Treasury Portefeuille van EUR 50 mio. Zie ook de observaties in het proces verbaal van de notaris te downloaden onder (B) O.a. observatie 25, 26 en 27.

  • (K) HEEFT ARJAN VAN DER KOOIJ OOIT ZELF GEINVESTEERD?

Uit het 4400N Rapport van de Registeraccountant blijk dat voordat er gelden van derden zijn aangetrokken de opstartkosten voldaan zijn evenals de aankoopsom van de vennootschap met de banklicentie (EV: EUR 5 mio) in 2009 en 2010. Vervolgens is een storting in cash gedaan van EUR 4,75 mio en een hypotheekbedrijf ingebracht voor een bedrag van EUR 14,6 mio. Zie ook het 4400N rapport te downloaden onder punt (F).

  • (L) WAS HKB BANK OPEN?

Ultimo 2015 kreeg HKB Bank toestemming om het businessplan uit te voeren van de Toezichthouder. Met deze goedkeuring stond ook vast dat alles wat in het verleden fout was gegaan een nieuwe kans kreeg van de toezichthouder. Eindelijk kon waar gemaakt worden wat beloofd was. Het community model ging van start, de eerste kredieten werden uitgeboekt en deposito’s werden uitgeboekt. Begin 2016 had HKB Bank binnen een paar maanden ongeveer EUR 36 mio aan kredieten op haar balans genomen en voor eenzelfde bedrag aan deposito’s aangetrokken. Het management van CRES (waar op dat moment de tegenpartij enig aandeelhouder van is) bevestigd aan alle stakeholders dat het businessmodel werkt en dat we de vraag niet aankunnen. Ook het management van de bank bevestigt op een vergadering van aandeelhouders in het bijzijn van de toezichthouder dat nu bewezen is dat de parameters uit het businessplan door de markt bevestigd worden. Het bedrijf draaide op volle toeren

  • (M)  STOND CAGE CAPITAL EEN SUCCES VAN HKB IN DE WEG?

Het is juist dat Cage Capital in 2013 een tijdelijke Stemrecht Treuhaender kreeg aangesteld nadat HKB Bank een “krediet und Einlagenverbot” opgelegd had gekregen. Cage Capital heeft daar geen bezwaar tegen gemaakt en de toezichthouder schriftelijk laten weten zich te willen concentreren op het succes en de herstart van HKB Groep alvorens een verzoek tot opheffing van de Treuhaender in te dienen. Hiertoe hadden de aandeelhouders een aangepast businessplan ingediend dat werd afgezekerd met kapitaal garanties. Lees daarover meer in Achtergrond. Om de jaarrekeningen goedgekeurd te krijgen diende de auditors van de Bank (pwc en KPMG) overtuigd te zijn van het feit dat de bank weer van start mocht gaan. Deze goedkeurende verklaringen werden door de auditors gegeven zodat ook zij er van overtuigd waren dat Cage Capital een succes van de bank niet in de weg zat. Met Cage Capital als aandeelhouder werd de goedkeuring medio 2015 gegeven door de Toezichthouder. Daarmee kreeg HKB Bank met haar aandeelhouders een kans om datgene goed te maken wat in het verleden was fout gegaan. Tevens stond daarmee vast dat Cage Capital het succes van HKB Bank niet in de weg stond. De bank werd immers met Cage Capital als aandeelhouder opnieuw geopend.

  • (N) WIE HAD MEESTE INVLOED OP HKB BANK?

De tegenpartij bezette alle posten in de Beirat die de directie van HKB bank controleerde en aanstuurde vanaf 2014. Daarmee had de tegenpartij feitelijk alle macht in handen. Daarnaast werd er wekelijks overleg gevoerd en waren er bijna maandelijks aandeelhoudersvergaderingen. Alle aandeelhouders waren derhalve nauw betrokken.

  • (O) HAD CAGE CAPITAL VOLDOENDE AANDELEN OM ALLE SCHULDEN TE KUNNEN VOLDOEN?

Deloitte heeft een rapport opgesteld over HKB Groep in 2014. In dat rapport zijn de jaarrekeningen van HKB Bank en de betrokken vennootschappen waaronder Cage Capital opgenomen. Deloitte heeft de schuldpositie met rentelast van Cage Capital inclusief de prospectussen bekeken. Het rapport is ook afgestemd met HKB Bank. Uit dat rapport bleek dat Cage Capital binnen een periode van 18 maanden al haar schulden zou kunnen aflossen als een start  wordt gemaakt met het HKB Businessplan. De aandelen positie van Cage Capital is daarin verwerkt. In 2015 is tevens een legal opinie afgegeven over het aantal beschikbare aandelen voor verkoop. Dat was ruimschoots voldoende om de gehele schuldenlast af te lossen. Het proces verbaal van de notaris (zie Q&A (B)) maakt tevens melding van deze documenten.

  • (P) WAAROM IS HET KORT GEDING OVER DE EUR 38 MIO GARANTIES VERLOREN?

Zie hiervoor onder menu Rechtszaken.

  • (Q)  HEEFT DE NEDERLANDSCHE BANK EEN BOETE OPGELEGD?

DNB heeft Arjan van der Kooij als bestuurder van Stichting Vastgoedbelang Mouzon Capital Opera Living een boete opgelegd. Deze boete heeft niets van doen met Cage Capital of HKB Groep. De boete is opgelegd door een juridische structuurfout in een vastgoedfonds. Een Stichting waar Arjan van der Kooij bestuurder van was had obligaties uitgegeven en de opbrengst aan haar dochtermaatschappij uitgeleend om vastgoed te financieren. Voor het doorlenen was een vergunning nodig. Indien de dochtermaatschappij de obligaties zelf had uitgegeven was geen vergunning nodig geweest. De boete is van EUR 2 mio terug gebracht tot een bedrag van EUR 150.000 vanwege de geringe mate van verwijtbaarheid. Er is geen opzet op opzettelijk verwijtbaar handelen aangetoond of daartoe geconcludeerd. Het betrof een structuurfout waardoor een vergunning ontbrak. Er was geen sprake van een integriteit kwestie. De AFM had in het zelfde dossier geconcludeerd dat alle stakeholders juist geïnformeerd zijn en de aanbevelingen van de AFM zijn overgenomen.